Fijnproeverspoëzie

De genoegens die deze Fijnproeverspoëzie aan U verschaft, worden teweeggebracht door de bijzondere combinatie van vorm, klank en betekenis al dan niet van humoristische aard.    Veel leesplezier!

  • De vier seizoenen

    Het is altijd wat met het weer: het is te koud,
    te warm, te heet, te nat, te droog,
    teveel wind, te weinig zon,
    te weinig wind, te veel zon…..
    Nochtans heeft elk seizoen zijn voor- en zijn nadeel:
    in de lente komt de natuur in volle bloei,
    maar durft het al eens stormen.
    In de zomer zien we wel wat meer de zon, (laat ons hopen),
    maar kan het ook drukkend warm zijn
    met hevige onweders tot gevolg.

    In de herfst kunnen we genieten van de prachtige kleuren
    die de natuur ons dan schenkt,
    maar net zoals in de lente moeten
    we rekening houden met stormen.
    En in de winter zien we niet graag
    de sneeuw op onze wegen,
    maar de foto’s die genomen worden
    van het witte landschap zijn ontelbaar!

    Daarom denk ik dat het niet makkelijk moet zijn
    om weerman of weervrouw te zijn.
    Let wel dat ik bewust weerman en weervrouw
    aan elkaar schrijf,
    want anders zouden we ons in
    een andere categorie bevinden!

    Wanneer men Frank Deboosere
    het weer hoort voorspellen gaat dat van:
    “beste mensen, bij de daling van de temperatuur
    wordt het kouder!”
    Bij Sabienneke Hagedoren
    zou dat echter als volgt gaan:
    “beste kijker, bij stijging van de temperatuur
    wordt het warmer!”

    Ik weet niet, beste lezer,
    of het u al opgevallen is,
    maar telkens men hier en daar
    een bui voorspeld, is dat altijd hier!!
    Maar wanneer men daarentegen hier en daar
    een opklaring voorspeld dan is dat altijd daar!!!

    Tot slot toch nog een leuke noot
    van onze weerman Frank.
    Tijdens één van zijn weerpraatjes zei hij:
    “de middagtemperaturen schommelen
    zo rond twaalf uur!!

    Een waarheid als een koe èn…
    een juiste voorspelling!!